Belastingregels

De Belastingdienst hanteert voor pensioenen de ‘omkeerregel’ (zie ook ‘Belastingregels voor uw pensioen’). Dit wil zeggen dat uw werknemer geen belasting betaalt over de pensioenopbouw, maar wel over de uitkering ervan als hij met pensioen is.

De bijdrage van de werkgever aan de pensioenregeling wordt niet tot het belaste loon gerekend. En de werknemersbijdrage mag van het bruto loon worden afgetrokken. Dat maakt de netto last van de werknemersbijdrage een stuk lager. De uitkeringen worden straks wel belast, maar vaak tegen een lager tarief. Vanaf de AOW-leeftijd geldt namelijk een lager belastingtarief dan daarvoor.

Fiscale grenzen pensioenopbouw
De pensioenkosten zijn onderdeel van de loonkosten. De loonkosten worden op uw winst in mindering gebracht voordat u belasting betaalt. Doordat de opbouw van pensioen fiscaal gunstig wordt behandeld lijkt het interessant om veel pensioen op te bouwen. Maar de Belastingdienst stelt grenzen aan de pensioenopbouw. Zoals:

  • De opbouw voor het ouderdomspensioen in een middelloonregeling is maximaal 1,875%.
  • Het maximum jaarsalaris waarover fiscaal gunstig pensioen kan worden opgebouwd is € 103.317 (per 1 januari 2017). Daarboven geldt de omkeerregel niet.
  • In veel pensioenregelingen is de pensioenleeftijd nu 67 jaar. Maar vaak mag de pensioendatum worden vervroegd of uitgesteld. De uitkering wordt dan respectievelijk lager of hoger. De ingangsdatum van het pensioen mag uitgesteld worden tot uiterlijk vijf jaar na de AOW-leeftijd.

De maximale pensioenuitkering
Het totaal van het ouderdomspensioen en de AOW mag in principe maximaal 100% van het salaris bedragen. Uitzonderingen hierop zijn:

  • Een waardeoverdracht, indexering of ruil van partnerpensioen voor extra ouderdomspensioen maakt dat het totaal hoger uitkomt dan 100%.
  • De hoogte van het ouderdomspensioen wisselt per periode.
  • Het opgebouwde prepensioen wordt doorgeschoven naar het ouderdomspensioen.
  • Uw werknemer gaat minder uren werken of gaat in inkomen omlaag binnen een periode van tien jaar voordat de werknemer de pensioenleeftijd bereikt die volgens de pensioenregeling geldt. 

Ook in beschikbarepremieregelingen mag het pensioen niet uitkomen boven de 100%. Mocht op de pensioendatum blijken dat de norm overschreden is, dan moet de werknemer over het deel boven de 100% belasting betalen. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als er hoge rendementen worden gehaald bij een gunstig beursklimaat.

In september 2016 heeft de staatssecretaris van Financiën een wetsvoorstel ingediend waarbij de maximering van de pensioenuitkering tot 100% van het salaris wordt afgeschaft. Wanneer hier meer over bekend is, kunt u dat op onze website lezen.

Partnerpensioen
Het partnerpensioen mag maximaal 70% van het ouderdomspensioen zijn. De maximale opbouw van het partnerpensioen is 1,16% in eindloonregelingen. Voor middelloonregelingen geldt een percentage van 1,313%.

Images - slider - pillar - only Pensioenkijker - DUTCH

Images - slider - pillar - only Pensioenkijker - DUTCH